Historische overstromingen in Leuven
Donderdag 20 augustus, 14u30, vertrek aan de Spuy (Sportkot).
Maximum 80 deelnemers, bijdrage: 5 euro p.p.
Inschrijven kan tot 6 augustus.
Vanaf 1156 zijn er in de archieven aantekeningen over overstromingen in Leuven terug te vinden.
De eerste gedetailleerde beschrijving van schade vinden we bij Willem Boonen terug. Het betrof de overstroming van 8 januari 1573. Met onregelmatige tussenpauzes mogen we spreken over 2 tot 3 grote overstromingen per eeuw. Op 25 januari 1891 staat een derde van de stad (ongeveer 140 ha) binnen de vest onder water. Hiervan hebben we een kaart met de hoogste waterstanden op diverse plaatsen.
De Dijle stroomt Leuven binnen vanuit de Leemstreek met meer reliëf en verval. Het snelstromende water komt terecht in een vlakke vallei. Regenval tijdens de plotse dooi van sneeuw was nogal eens de oorzaak. Januari en februari waren risicomaanden.
Een ‘waterbom’ of wolkbreuk, een zeer plotse en intense stortbui volgend op een hete zwoele dag, is eerder een zomers fenomeen. Op 14 mei 1906 vielen er 6 dodelijke slachtoffers en verdronken ongeveer 150 dieren in Bertem. Er was ook veel schade rond de Voer binnen Leuven, zoals in de Ridderstraat, de Tervuursestraat, de Kapucijnenvoer en de Mechelsestraat vlakbij de Keizersberg.
Tijdens deze rondleiding focussen we op de overstromingen van 1891, 1906 en 1947 in de omgeving van de Tervuursevest. Op het einde reflecteren we over het huidige waterbeheer en de eventuele risico’s.
In bijlage een plan met overstroming gevoelige gebieden in Leuven in de 19de eeuw (© Leuven weleer)
Yvette Toison